Opinie door Bas Disco
Een school fietsers passeerde me vanochtend zonder te stoppen bij een zebrapad aan de Hereweg. Een man of twaalf jakkerde langs, allemaal puffend met rode wangen van het trappen, zonder oog voor de wachtende voetgangers. Een enkele fietser keek vanuit haar ooghoeken, ietwat zelfbewust, maar nou ook weer niet schuldbewust.
Een zebrapad had altijd iets gemoedelijks. Bijna typisch Nederlands, want we zijn dol op onze regeltjes. De bestuurder stopt; de voetganger steekt over. Een knikje of een duimpje. Ook al staan er vier auto’s en zes fietsers stil voor een enkele passant, dat maakt niet uit. Zo hebben we dat afgesproken.
We nemen het soms wat te nauw met die regels. Een paar jaar terug had ik een vriend uit Londen op bezoek. In Londen zijn zebrapaden allang verwilderd. Daar bestaat het recht van de sterkste, en dat zijn meestal de auto’s.
Mijn vriend moest dus even wennen. Een autobestuurder stopte voor ons bij een zebrapad op de Korreweg. Mijn vriend bleef beleefd staan om de voorrang terug te geven. De autobestuurder zuchtte en schudde zijn hoofd. Met tegenzin reed hij door.
Ik begrijp mijn vriend wel. In veel andere landen word je van je sokken gereden als je bij een zebrapad oversteekt. Ik was onlangs in São Paulo. Daar heb je als voetganger gewoon te wachten.
In Mumbai komt er geen eind aan de autostroom, evenals het geluid van claxons, dus moet je op hoop van zege tussen het kolkende verkeer door rennen. Maar ook op de serene Griekse eilanden gaan auto’s voor. Overal en altijd.
In Amsterdam, Rotterdam en Den Haag net zo. Daar is de zebra allang niet meer te redden. Zou het er in Houwerzijl ook zo aan toe gaan? Daar stopt men gewoon. Knikje. Duimpje. En daar hebben ze geen eens zebrapaden. Autobestuurders stoppen zelfs voor elkaar, de berm in. Nou zijn er geen bermen in de binnenstad, maar het principe was ooit hetzelfde.
Wat is er veranderd? Minder oog voor elkaar, misschien. We zijn allemaal druk: mensen moeten naar werk, ouders met de kinderen naar de crèche, maaltijdbezorgers met benauwende targets. De stad wordt voller. De gemeente probeert ondertussen 2.000 extra fietsparkeerplaatsen in de binnenstad te realiseren. Ieder voor zich. Het recht van de sterkste.
Of Groningen groeit. Het is een grote stad. Net als São Paulo, Mumbai en Londen. En die Groningse zebra zien we over vijftig jaar wel terug in de musea.




