Bereikbaarheid & Mobiliteit

Overheid cruciaal voor groei deelmobiliteit: “Het gaat niet vanzelf”  

Het delen van fietsen, auto’s of scooters: deelmobiliteit is de oplossing voor veel bereikbaarheidsproblemen. Maar als het alleen aan de markt wordt overgelaten, dan blijven landelijke gebieden achter. Daarom moeten overheden een actievere rol spelen in het stimuleren van deelmobiliteit. Dat was donderdagmiddag de boodschap tijdens de communitybijeenkomst van Deel’m.  


Leestijd: 3 minuten

Foto | Gemeente Groningen
Foto | Gemeente Groningen

“Is er iemand met een deelauto of -fiets gekomen?” vraagt Freek Apperloo van de Provincie Groningen aan de volle statenzaal van het Groningse provinciehuis. Een recordaantal van 70 deelnemers is op de bijeenkomst afgekomen, maar slechts een handjevol steekt zijn hand op. “Een paar… Daar ligt ruimte voor verbetering.”  

Het publiek in de statenzaal bestaat uit een gevarieerde groep van ambtenaren, aanbieders van deelmobiliteit, maar ook afgevaardigden van kennisinstellingen. Allemaal hebben ze één ding gemeen: een interesse in deelmobiliteit in Noord-Nederland.  

Dat geldt ook voor Tom Hermes van de gemeente Het Hogeland. “Als je naar landelijke bijeenkomsten gaat, dan krijg je een heel algemeen plaatje voorgeschoteld. Dan vertellen ze over successen die behaald zijn in de gemeente Den Haag of de gemeente Utrecht, maar dat kun je niet vergelijken met landelijk gebied. Het is fijn dat hier de focus ligt op Noord-Nederland.” 

Verschillende sprekers lieten tijdens de bijeenkomst hun licht schijnen op deelmobiliteit in Noord-Nederland. De overkoepelende organisatie, Deel’m, is een samenwerkingsprogramma dat niet alleen bewoners, maar ook organisaties en gemeenten helpt met het opzetten van deelmobiliteit.  

Op dit moment is deelmobiliteit voor veel overheidsinstanties een opgave. “Deelmobiliteit verdient meer aandacht”, zegt gedeputeerde Erik Jan Bennema van de provincie Groningen in de Statenzaal. “Vooral in landelijk gebied is het een uitdaging.”  

Toch is het belangrijk om deelmobiliteit te stimuleren, zegt hij. Het vergroot de bereikbaarheid, helpt bij verduurzaming en het versterkt de sociale cohesie en leefbaarheid van een gebied. Ook in steden biedt deelmobiliteit veel kansen, omdat het de parkeerdruk verlaagt. “Ruimte is schaars.” 

Een grote rol voor de overheid 

Het is dus goed als deelmobiliteit uitbreidt. Maar in de opschaling en versterking hiervan spelen gemeenten, provincies en het rijk een belangrijke rol, zegt Maarten van Biezen van Natuurlijk!Deelmobiliteit, een initiatief waarin overheidsinstanties samenwerken om deelmobiliteit op te schalen en te versterken. Op dit moment is deelmobiliteit slechts een schakel tussen bijvoorbeeld de bus en de auto, vertelt hij. Maar als overheden willen dat deelmobiliteit écht een rol gaat spelen, dan moeten ze daar actief naar handelen. “Het gaat niet vanzelf.” 

In provincies met dunbevolkte gebieden, zoals Groningen, Drenthe en Friesland, geldt dat nog meer, zegt Van Biezen. Om deelmobiliteit te laten groeien, is het belangrijk dat het aanbod betrouwbaar, betaalbaar en beschikbaar is. Als de groei van deelmobiliteit wordt overgelaten aan de markt worden deze vereisten niet gehaald. Het is voor veel commerciële partijen bijvoorbeeld niet rendabel genoeg om deelfietsen te plaatsen in dunbevolkte gebieden.  

Van Biezen stelt voor om een landelijk netwerk van regionale deelfietsen op te tuigen. Volgens hem kan dit voor zo’n 30 tot 40 miljoen euro, wat ten opzichte van de totale uitgaven aan openbaar vervoer vrij weinig is. “Dan heb je dus veel bereikbaarheid voor weinig geld.” Maar voordat het zover is, biedt Natuurlijk!Deelmobiliteit al handvatten voor beleidsmedewerkers, vertelt Hannah Habekotté, tevens van de stichting.  

Verkenning deeltweewielers  

Een belangrijke ontwikkeling binnen Deel’m is de start van een verkennend onderzoek naar deeltweewielers in Noord-Nederland, vertelt Apperloo. Het onderzoek brengt in kaart hoe het netwerk eruit kan zien. De komende maanden zullen verschillende scenario’s en constructies worden onderzocht. Als alles volgens plan verloopt, is het onderzoek eind november klaar.  

Workshops 

Na de pauze volgden de deelnemers elk twee workshops met verschillende thema’s waartussen ze konden kiezen. De eerste workshop focuste op deelmobiliteit door middel van bewonersinitiatieven. De tweede ging over de potentiescan waarin deelmobiliteit in landelijk gebied centraal stond. De derde spitste toe op de werkgeversaanpak van deelmobiliteit. De vierde dook verder in het onderzoek naar deeltweewielers in Noord-Nederland. De workshops hebben veel waardevolle discussies en inzichten opgeleverd.