Nieuws

Platform Gerrit Krolbrug gaat meer actievoeren: 'Tijdelijke brug moet er komen'

Het Platform Gerrit Krolbrug kondigt acties aan om voor elkaar te krijgen dat er alsnog een tijdelijke fiets- en voetgangersbrug komt tijdens de bouw van de nieuwe Gerrit Krolbrug. De acties vinden plaats in aanloop naar een belangrijk debat in de Tweede Kamer over infrastructuur. “De tijdelijke brug moet er komen. Er hangt te veel van af voor heel veel Groningers.”


Leestijd: 1 minuut

Artist impressie nieuwe Gerrit Krolbrug
Artist impressie nieuwe Gerrit Krolbrug

De Gerrit Krolbrug werd in 2021 aangevaren en is sindsdien buiten gebruik. Het gaat om de brug die over het Van Starkenborghkanaal ligt en noordelijke wijken met de stad verbindt.

Omdat de nieuwe brug zo’n 20 miljoen euro duurder wordt dan begroot, is er geen geld meer voor een tijdelijke oversteek voor fietsers en voetgangers tijdens de bouw. Tot grote onvrede van bewoners, bedrijven en andere Groningers die dagelijks gebruik maken van de brug.

Tot nu toe waren er tijdelijke hellingbanen voor fietsers en voetgangers, maar die moeten tijdens de bouw verdwijnen. De bouw van de brug start naar verwachting eind 2026 en duurt tenminste drie jaar. Dat betekent dat 20.000 dagelijkse gebruikers minstens drie jaar lang moeten omrijden via de Noordzeebrug of de Oostersluis.

Debat Tweede Kamer

Op maandag 26 januari is er een MIRT-debat (MIRT staat voor Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport). Tijdens dit debat buigen kamerleden zich over de begroting voor zaken als wegen en bruggen, en besluit de Kamer of de minister toch niet wat meer geld moet vrijmaken voor de Gerrit Krolbrug.

Actie

Het Platform Gerrit Krolbrug roept fietsers, leerlingen, ouders en anderen op om deel te nemen aan een actie bij de Gerrit Krolbrug, op vrijdag 23 januari tussen 14.00 uur en 15.30 uur. “We moeten Nederland laten zien dat onze kinderen recht hebben op een veilige route.”

De bewoners, de scholen, de verenigingen en de bedrijven hebben de kamerleden ook een brief gestuurd waarin ze wijzen op de ernst van de maatschappelijke gevolgen.